Column: Roermond kan niet zonder

17/11/2012

Daar zit hij dan, achter de kaptafel van zijn vrouw. De basisgrime op zijn gezicht. Met vaste hand probeert hij een lijntje onder zijn ogen te maken. Gisteren was hij schichtig de binnenstad van Roermond ingegaan voor schmink en pepernoten. En om crepepapier te kopen voor zijn kraag.
Toen hij vorige maand aftrad als wethouder, na beschuldigingen van corruptie en vriendjespolitiek, dacht Jos van Rey direct aan deze dag. ‘Hoe moet het nou met de intocht van Sinterklaas?’ Hij kon zich niet voorstellen dat hij daar niet bij aanwezig zou zijn. Het was nota bene zijn eigen verdienste dat de goedheiligman dit jaar voor Roermond gekozen had. Deze zomer had hij Sinterklaas twee weken ontvangen in de villa van een bevriende projectontwikkelaar in Saint-Tropez. Hij had de vlucht van de Sint uit eigen zak betaald en echt zijn best gedaan om hem een onvergetelijke vakantie te geven: chique diners, dure cognac, bunga bunga-meisjes, aan alles was gedacht. Sint-Nicolaas nam het ervan dat het een lieve lust was. En Van Reij deed mee. Niet omdat hij ervan genoot, maar voor de stad. Alles voor de stad.

Daar staat hij nu. Een maillot aan, een pofbroek en een pruik met een veer op zijn hoofd. Hij kan het niet laten, hij moet erbij zijn. Voor hij vertrekt, zet hij nog even de televisie aan. Hij ziet burgemeester Van Beers en hoort… Wat hoort hij nou? Grote God, nee toch. Het paard van Sinterklaas is zoek! De burgemeester zegt tegen de verslaggever dat alles heus wel goed komt, maar hij ziet Van Beers wanhopig denken: ‘Waar zou Jos zijn? Zonder Jos zijn we nergens.’
Dan voelt Van Rey die oude energie door zijn lijf stromen. Hij kijkt in de spiegel en ziet zichzelf weer staan: Superjos. Hij rent naar buiten en begint te bellen. Een manage, een fokker, een slager. ‘Die uitbouw komt er, dat beloof ik.’ ‘Die vergunning om ook nertsen te fokken, die regel ik voor je.’ ‘Koopzondag? Tuurlijk, zorg ik voor.’ Het werkt nog steeds. Over vijf minuten zullen er drie witte paarden voor hem klaarstaan en mag hij de mooiste uitkiezen. De intocht is gered. En Roermond ook.

Als Jos ’s middags thuiskomt is hij opgelucht en tevreden. ‘Ik ben er nog’, weet hij, terwijl hij weer achter de kaptafel gaat zitten. Dan bedenkt hij dat hij niks gekocht heeft om zich mee af te schminken. Een grote glimlach verschijnt op zijn gezicht. ‘Dan maar niet,’ grinnikt hij. ‘Want als Ritselpiet kan ik de komende weken nog veel voor deze stad betekenen.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: